Wolff en Woejaningrat

Twee vrienden, de een met Surinaams-Joodse, de ander met Indonesische wortels, vonden elkaar in het verzet tegen de Nazi’s tijdens de Tweede Wereldoorlog. Julius woonde met zijn gezin in de Lodewijk Boisotstraat in Amsterdam op nummer 2, op de eerste verdieping, Rasono kwam er te wonen als onderduiker.
Julius Wolff

De Surinaams-Joodse Julius Wolff werd geboren op 06-05-1910 in Paramaribo, Suriname. Hij  helpt in de Tweede Wereldoorlog Duits-Joodse vluchtelingen onderduiken. Hij is daarnaast betrokken bij het Indonesische verzet.

Wolff is gehuwd met de niet-Joodse vrouw Thelma Brugman, geboren in Madioen in Nederlands-Indië. Ze wonen in de Lodewijk Boisotstraat nr. 2 in De Baarsjes op de eerste verdieping. Wolff is naast zijn baan bij de Rijksverzekeringsbank actief in het verzet en is onderduikverschaffer.

Wolff is bevriend met de Indonesische student Raden Mas Rasono Woerjaningrat. Rasono is naar Nederland gekomen om te studeren in Leiden. Na de sluiting van de Universiteit van Leiden kan hij zijn studie een jaar later voortzetten in Amsterdam. Hij is lid van de Indonesische studentenvereniging Perhimpoenan Indonesia. In Amsterdam staat hij aan het hoofd van een Indonesische verzetsgroep. Via deze groep krijgen Julius Wolff en zijn vrouw Thelma veel onderduikers. Die verblijven op zolder, waar speciaal voor hen een ruimte is ingericht.

De activiteiten van Julius Wolff blijven niet onopgemerkt. Hij is uiteindelijk door buren verraden en opgepakt. Rasono waarschuwde hem op zijn werk dat er Duitsers in zijn huis waren geweest op zoek naar hem, maar Wolff wilde niet vluchten omdat hij bang was dat ze dan zijn vrouw en kinderen zouden pakken. Hij vroeg aan zijn vriend Rasono om voor zijn vrouw en kinderen te zorgen als hij zou worden opgepakt. Via Vught komt hij terecht in  concentratiekamp Dachau. De Duitsers komen alsnog terug voor zijn vrouw, die gelukkig met de kinderen is ondergedoken. Het huis wordt helemaal leeggeroofd door de Duitsers. Alleen een klok en een spiegel blijven achter.

Wolff maakt de bevrijding niet meer mee, in februari 1945 overlijdt hij in Dachau aan vlektyfus. In 1946 trouwt Rasono met Thelma, de weduwe van Julius.

Bron: https://4en5meidebaarsjes.nl/film/julius-wolff/

Raden Mas Rasono Woejaningrat

Raden Mas Rasono (Woejaningrat) komt vanaf januari 1943 in het huis wonen van de familie Wolff aan de Lodewijk Boisotstraat 2-I. Hij zit daar ondergedoken, vanwege zijn activiteiten voor de Indonesiche vereniging Perhimpoenan Indonesia en afsplitsing daarvan genaamd RoePI (Roekoen Peladjar Indonesia), waar hij in het bestuur zit.

Raden Mas werd op 22 juni 1913 geboren in Soerakarta, Nederland-Indië. Zijn vader was Raden Mas Hario Woejaningrat en zijn moeder heette Raden Sitoresmi. Rasono kwam op 16 december 1938 naar Nederland om Indonesisch Recht te studeren in Leiden. In Leiden komt hij in aanraking met de Indonesische studentenvereniging Perhimpoenan Indonesia (P.I.) waar hij lid van wordt. P.I. is voor onafhankelijkheid van Indonesië en tegen het Nederlandse koloniale bewind. Maar ze zijn ook tegen het racistische naziregime.

In het bestuur komen leden van de verschillende eilanden, universiteitssteden en overtuigingen bij elkaar. Leiden is de centrale plek, maar er ontstaan ook groepen in Den Haag, Amsterdam, Wageningen en andere steden. Van de groep in Amsterdam is Rasono een van de bestuursleden.

Wolff vraagt Rasono, voor hij wordt opgepakt, om voor zijn vrouw en kinderen te zorgen. Rasono trouwt op 12 oktober 1946 met Thelma Brugman (1909-1965), de weduwe van Julius Wolff. Rasono overlijdt op 20 januari 1994 in Amsterdam op 80-jarige leeftijd.

Bron: https://www.goedhart.family/de-onderduikers-van-lodewijk-boisotstraat-2/

Tijdens de opening van de expositie ‘Vensters’ in Galerie De Stoker waren de zoon en dochter van Julius en vijf andere familieleden aanwezig. Zij konden nog meer vertellen over het gezin en hun stiefvader, die in de familie Rasono wordt genoemd. Het werk werd aangekocht door de zoon van Julius.

Julius Wolff
Het landelijke bestuur van Roekoen Peladjar Indonesia (Roepi), oftewel de Bond van Indonesische studerenden, in 1940. Van links naar rechts, zittend: Evie Poetiray, Soeripno, Daliloeddin, Rozai Koesoemasoebrata. Staand: Rasono Woejaningrat, Amir Hamzah en Maroeto Daroesman. Evie Poetiray was actief in het Amsterdamse verzet. Uit: Slavernijverleden van Hofstad Den Haag.

Scroll naar boven